Coachingbureau INZICH-T
Utrecht

Berichten
adhd-Xtra
Live informatie van adhd-Xtra

ASPS

ASPS Antisociale Persoonlijkheidsstoornis

Diagnostische criteria voor de antisociale persoonlijkheidsstoornis (DSM-IV)

De cliënt:

wordt gekenmerkt door lichtgeraaktheid en agressie, wat wel blijkt uit de vechtpartijen waarbij hij, vaak op eigen initiatief, betrokken is;

gedraagt zich consequent onverantwoordelijk, hij weet zich niet in een nette baan te handhaven en zijn financiële verplichtingen komt hij niet na;

is impulsief en het lukt hem niet een mooi plan voor de toekomst te maken;

bedriegt de medemens, bijvoorbeeld door regelmatig te liegen, zich onder een andere naam te presenteren of anderen te misbruiken voor eigen voordeel en pret

veronachtzaamt de veiligheid van zichzelf en anderen;

heeft van wroeging of spijt in het geheel geen last, wat wet mag blijken uit het feit dat het hem niet kan schelen of hij anderen heeft gekwetst, mishandeld of bestolen.

Toelichting

In toenemende mate komt kritiek op bovengenoemde criteria, waarin vooral crimineel, onwettelijk en sociaal ongewenst gedrag naar voren komen. Vroeger werd gesproken van psycho- of sociopathie, met bijvoorbeeld kenmerken als gebrek aan empathie, gevoelsarmoede, overdreven gevoel van eigenwaarde en oppervlakkige charmes.

De essentie van de antisociale persoonlijkheid is een patroon van het 'geen rekening houden met en het met geweld schenden van de rechten van anderen'. Dit patroon wordt zichtbaar in de kindertijd en de vroege adolescentie en blijft bestaan in de volwassenheid. De diagnose mag pas vanaf 18 jaar gesteld worden. I

In de voorgeschiedenis zijn er vaak symptomen van een gedragsstoornis voor het 15e jaar (agressief en destructief gedrag op de kinderleeftijd). Mensen met een ASPS kunnen niet voldoen aan sociale normen en de wet. Ze kunnen geen rekening houden met de wensen en gevoelens van anderen. Er is vaak sprake van impulsiviteit. Beslissingen worden genomen zonder rekening te houden met de gevolgen zodat ze vaak in de problemen komen (relaties en banen verliezen, in de gevangenis komen). Ze zijn vaak snel geïrriteerd en agressief en al doende vaak betrokken bij een fysiek gevecht. Hierbij houden ze geen rekening met het gevaar voor zichzelf en voor anderen.

Hun problemen kunnen zich ook uiten in roekeloos autorijden, gevaarlijk sexueel gedrag of drugsmisbruik. Er zijn meestal financiële problemen. Het gedrag is vaak onverantwoordelijk tav werk, familie, kinderen etc. Er is meestal weinig berouw over de daden. Voor zichzelf is er wel een reden waarom het 'terecht was wat ze hebben gedaan'. Ze voelen zich vaak verheven boven andere mensen en hebben geen realistisch beeld van zichzelf. Sommigen hebben een talent om anderen voor zich in te nemen. De klachten die ze zelf ervaren zijn vaak: gespannenheid, ontevredenheid, een depressieve stemming en zich snel vervelen. Soms zijn er angstklachten en verslavingsproblemen.

Het beloop van de ASPS is vaak chronisch alhoewel er vaak een afname van crimineel gedrag is op latere leeftijd

Risicofactoren

ASPS komt bij ongeveer 3% van de mannen voor en bij 1% van de vrouwen. Nadruk op de agressieve kant bij de diagnose kan leiden tot onderdiagnosticering bij vrouwen.

Biologisch

Weliswaar is veel onderzoek gedaan naar de genetische basis van antisociaal gedrag, maar tot duidelijke conclusies heeft dat niet geleid. Mogelijk spelen de volgende factoren een rol:
- ADHD (aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit).
-afwijkingen in het arousalniveau: minder gevoeligheid voor angst en pijn;
-onvoldoende ontwikkelde remming van impulsen.

Verder is de kans op een ASPS groter als er een ouder is met een ASPS. Dit is enerzijds een biologisch verhoogd risico anderzijds een beïnvloeding door de omgeving.

Psychologisch

- verwaarlozing, onverschilligheid, kilheid, agressie van de opvoeders in de zeer vroege jeugd;
- gebrek aan begeleiding, sturing en correctie door de opvoeders kan de kans verhogen dat een gedragsstoornis overgaat in een ASPS.
- traumatische ervaringen, zoals verlatingen, misbruik of mishandeling.
- sterk in de schaduw staan van een broer of zus die bewonderd wordt en niets fout kan doen.

Sociaal

ASPS komt vaker voor in een bevolkingsgroep met een lage socio-economische status en in een grootstedelijke omgeving.

Bronnen:4, 10
* De DSM-IV-criteria zijn overgenomen uit:
Vandereycken, W, Hoogduin, CAL & Emmelkamp, PMG (2000). Handboek Psychopathologie, deel 1 basisbegrippen. Bohn Stafleu Van Loghum, Houten.
Nannet Buitelaar